Copyright van DIPEx (www.healthtalkonline.org)

Ik ben vastberaden om ervoor te zorgen dat hartfalen mijn leven niet gaat beïnvloeden. Ik hou van mijn werk, ik werk fulltime en ik stop niet met werken. Ik zal nooit zeggen: “Ik heb hartfalen. Ik kan dit niet, ik kan dat niet.” Ik heb dus besloten: “Ga verder met je leven, doe wat je anders ook zou doen!” En ook al ben ik niet zo actief en heb ik last van de warmte, ik kan zeggen dat ik weer ben zoals ik vroeger was, dankzij de medicijnen en dankzij een goede arts en de hartfalenverpleegkundigen. Ze zijn geweldig. Als ik een probleem heb, bel ik hen gewoon. Ze zijn zo... Ze zijn als vrienden! Ik heb nooit het gevoel dat ik niet met hen kan praten. Ik kan wel degelijk met hen praten. De behandelend arts is ook vriendelijk, en ik vind hem echt aardig, maar de verpleegkundigen vind ik het beste, echt waar.

Medicijnen innemen is geen probleem voor me, omdat ik het onder controle heb. In het begin dacht ik dat ik ze niet voor altijd zou hoeven innemen. Ik dacht dat ik er vanaf zou zijn zodra ik me beter voelde. Maar ze hebben het me uitgelegd en wat doe je dan? Ze hebben mijn leven gered, dus ik vind het uiteraard niet erg dat ik ze moet innemen.

Ik denk dat ik het alleen niet leuk vind om betutteld te worden: “Oh, ze heeft een slecht werkend hart, we moeten anders met haar omgaan.” Behandel me niet anders, er is niets mis met me! Ik heb een slecht werkend hart maar ik leef ermee. Zeg niet: “Raap dat maar niet op, doe dit niet, doe dat niet.” Ik kan doen wat ik wil, misschien een beetje langzamer, maar ik kan het, dus doe ik het. Ik kan nog altijd mijn werk doen. Het beïnvloedt me niet en ik laat niet toe dat het me beïnvloedt. Ik denk er niet aan. Ik doe gewoon als altijd.